klaas de vries: pa-pa-pa-pa-vrouw-vrouw
Naar een verhaal van Han Shaogong | vertaling Mark Leenhouts
Ad de Bont – regie | Gerrie de Vries – mezzosopraan | Wiebe-Pier Cnossen – bariton | Tatiana Koleva – slagwerk
Jorge Isaac – blokfluiten | Michiel Weidner – cymbalom

Pa pa pa, vrouw vrouw vrouw is een nieuwe muziektheatervoorstelling op muziek van Klaas de Vries en teksten van de Chinese schrijver Han Shaogong. Twee zangers, een mezzosopraan, een bariton en twee virtuoze instrumentalisten vertellen vanuit een mannelijk- en vrouwelijk perspectief twee hilarische verhalen het decor van het Chinese platteland.

In Pa pa pa stappen we in op het punt dat de gemeenschap Hanenkopdorp ernstig in verval raakt en haar ondergang tegemoet gaat. Een plotseling rijsttekort kan alleen worden opgelost door een menselijk offer aan de plaatselijke rijstgod. Een misvormde en weerloze man die van de dorpelingen de bijnaam 'Misbaksel' heeft gekregen, wordt aangewezen als potentieel offer. Ondanks deze bewuste keuze van de dorpelingen voor Misbaksel, worden zij in de aanloop naar het offer toch getergd door twijfel en angst. Men blijft zijn offer en op handen zijnde dood uitstellen. Misbaksel gedraagt zich ondertussen nog vreemder dan gebruikelijk en plotseling blijken er steeds meer verbanden te bestaan tussen de vreemde gebeurtenissen in het dorp en Misbaksels gedrag. Is er iets bijzonders met Misbaksel aan de hand?

In Vrouw vrouw vrouw reist de verteller af naar zijn geboortestreek voor de begrafenis van zijn oude tante Yao. Aangekomen in zijn geboortestreek hoort hij na al die jaren het bizarre levensverhaal van de tante die hij al zo lang niet gesproken en gezien heeft. De zichzelf wegcijferende vrouw veranderde na een beroerte langzaam in een onzindelijk huisdier, waarmee zij de spot en de haat van de gemeenschap over zich heen zich heen kreeg. Bespot, geplaagd en getergd kwijnde ze weg in de kooi waarin de inwoners van haar dorp haar hadden gestopt.

Tijdens de voorstelling schieten de zangers van tijd tot tijd in de meest uiteenlopende rollen en benaderen zij de novellen vanuit de meest onverwachte invalshoeken. Hierbij maken zij slechts gebruik van een enkel gebaar en een snelle, soms karikaturale afwisseling van verschillende zangstijlen, waarmee zij elkaar tevens proberen de loef af te steken. De musici antwoorden op de vragen van de zangers met muziek: zij blaffen, grommen, blaten, miauwen, balken en praten. Deze twee novellen uit 1986 van de Chinese schrijver Han Shaogong staan aan de basis van de voorstelling. In deze verhalen vraagt Han Shaogong zich af in hoeverre het individu en de ratio overeind blijft tegenover de massa en de massahysterie? Door in zijn verhalen traditie, mythe, bijgeloof en tegelijkertijd moderne westerse invloeden te verwerken, wil Shaogong ook weergeven in welke situatie het huidige China verkeert: in spagaat tussen het gemeenschappelijke verleden en het individuele, rationeel beredeneerde individualisme van de westerse cultuur. "na het eten doe je de afwas. dat is alles."