peter jan wagemans: de mannen van minsk
Matangi Quartet
Peter-Jan Wagemans De Mannen van Minsk (Suite: 2014) is een theaterproductie die het midden houdt tussen opera, musical en hoorspel. Het ging in première eind 2013 waarop de componist uit het werk een vierdelige suite voor strijkkwartet samenstelde. Het theaterstuk (voor een bezetting met onder meer strijkkwartet) vertelt over de kinderen Annie en Bertje die geen zin hebben om te slapen waarop hun ouders hen vertellen dat 'De Mannen van Minsk' hen zullen ophalen als ze niet het licht uit doen. De vierdelige suite (met titels als Annie, Bertje, De Mannen van Minsk en Sorry) is illustratief voor Wagemans' ontwikkeling na zijn Strijkkwartet uit 1997. Nog veel meer dan in het kwartet plaats hij moderne vondsten in een traditionele en populaire context. Ritmische energie domineert alle delen, melodie (soms met variatie en ontwikkeling) krijgt een belangrijke plaats. Neurie Guus Janssen Streepjes (1981) Dat kwartet van Guus Janssen is een oefening in klankkleuren. Omdat texturen vaak worden herhaald, zij het met varianten, en omdat de harmonie nauwelijks verandert, ontstaat muzikale ontwikkeling vooral door het spel met nuances. Akkoorden worden vaak omspeeld in de vorm van dialogen tussen de instrumenten, flageoletten en de geringste dynamische verschillen. Doordat in de eerste helft van het werk het volume nogal zacht is, worden details in dynamiek van het grootste belang. Daarbij heeft de componist één expressiemiddel nadrukkelijk uitgesloten: vibrato, althans bij de flageoletten, de niet-flageolet-tonen klinken daarentegen wel vibrato. (Het verlangde nonvibrato komt ook voor in het Strijkkwartet van John Cage; ook de harmonie bij Janssen doet sterk aan John Cage denken.) Omdat de componist streefde naar niet-getempereerde harmonieën, is bij elk instrument één snaar anders gestemd dan gewoonlijk (scordatura): door deze vier anders gestemde snaren met elkaar te verbinden ontstond een chromatische ladder die de basis werd van de harmonie van het werk. Lijn in het betoog presenteert Janssen amper in de vorm van melodieën, wel in de vorm van puntjes die moeten worden gespeeld als een zin, vandaar wellicht de term streepjes. (De ironische lading van die term in dit verband is voor de humorist Janssen gefundenes Fressen.) In de tweede helft van de compositie (die in zijn geheel ca. tien minuten duurt) kiest Janssen voor een andere opbouw: niet de plotloze wereld en de kale harmonieën van de eerste baar is nog een groot woord, maar een harmonisch houvast is duidelijk aanwezig. Klankeffecten, met name in het derde deel, zijn ondergeschikt gemaakt aan de lange lijn. Het laatste deel lijkt het verst af te staan van de vertrouwde musicalstijl, maar illustreert uitstekend Wagemans' gegroeide affiniteit met het theater en staat stilistisch soms dicht bij zijn opera Legende