ideofonen 1 en 3
Installatie in de tuinzaal van het Gemeentemuseum
In 1967 demonstreerde Dick Raaijmakers tijdens de oprichtingsvergadering van STEIM (Studio voor Elektro-Instrumentale Muziek) in Amsterdam voor het eerst het principe van de Ideofoon, dat hij in de periode 1968 tot 1970 verder ontwikkelde met als resultaat de Ideofonen 1, 2 en 3. Raaijmakers: "In de naam 'ideofoon' zijn de begrippen 'idee' en 'foon' verenigd. Het idee komt neer op het buiten bedrijfstelling van de luidspreker als passieve informatiedoorgever. Om dit idee - feitelijk een correctie of reductie - te kunnen uitvoeren, is een kunstgreep nodig: het kortsluiten van de luidspreker door de uitgang te verbinden met de ingang. De luidspreker maakt dan gebruik van zijn eigen signaal en heeft geen informatie van buitenaf meer nodig. Het doel van deze provocatieve ingreep is de luidspreker te dwingen niets van zijn ware hoedanigheid te onthullen. Hij raakt daarmee weliswaar ... (uit: 'Dick Raaijmakers, een Monografie, 2007') | Lees meer

Recontructie wegstootmechanisme Ideofoon I
Omdat van de enorme (11 x 4,5 meter) Ideofoon 2 nog maar weinig bewaard is gebleven, zijn voor 16 mei aanstaande alleen de Ideofonen 1 en 3 in de tuinzaal van het Gemeentemuseum opgesteld. Zo vlot als dit hier is opgeschreven zo ingewikkeld was het om dit voor elkaar te krijgen. Van Ideofonen 1 en 2 bleken namelijk | Lees meer
ideofoon I - reconstructie wegstootmechanisme
Reconstructie uitgevoerd door Bram Vreven | www.bramvreven.com
Reconstructie Ideofoon 1 - Lees meer
restanten ideofoon II
Opslag gemeentemuseum
de luidspreker spreekt
Korte introductie op de Ideofonen door Kees Tazelaar, gastprogrammeur van deze editie
Sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw bestaat er muziek waar in het geheel geen uitvoerders aan te pas komen, maar die uitsluitend vanaf de bandrecorder via luidsprekers wordt weergegeven. Het is precies deze vorm van muziek geweest waarmee Dick Raaijmakers voor het eerst als componist van zich liet horen. De essentie van dergelijke muziek is dat de klanken niet worden 'gespeeld' op muziekinstrumenten, maar worden 'gecomponeerd' met behulp van studioapparatuur. De klanken van deze elektronische muziek staan niet alleen in een muzikale vorm, maar geven zelf ook mede gestalte aan die vorm. Omdat er aanvankelijk geen specifiek voor dit doel ontwikkelde apparatuur bestond, werd voor het maken van dergelijke klanken gebruikgemaakt van meetapparatuur zoals die in radiostudio's en akoestische laboratoria in gebruik was. Er was in die beginjaren slechts een zeer klein aantal studio's voor elektronische muziek beschikbaar en de manier van werken in die studio's was erg omslachtig. Aan het klankmateriaal voor enkele minuten muziek werd soms maanden gewerkt.

Terwijl in Parijs, Keulen en Milaan de studio's voor elektronische muziek waren gevestigd bij de radio, maakte de eerste echte studio voor elektronische muziek in Nederland onderdeel uit van de akoestische afdeling van het Philips Natuurkundig Laboratorium(NatLab) in Eindhoven. De weg van Dick Raaijmakers naar het NatLab was er, zoals hij dat zelf vaak heeft beschreven, een van een slaapwandelaar. Al tijdens de oorlogsjaren ... | Lees meer